Wie was Jan Wolkers?

Op het einde van zijn leven is Jan Wolkers (1925-2007) een vitale bejaarde die op televisie schuimend van enthousiasme liefdevol verhaalt over al wat leeft in de natuur. Zijn bewonderde status staat in opmerkelijk contrast met de controverses die hij oproept in het begin van zijn schrijver- en kunstenaarschap. Ronald Giphart over het leven en werk van Wolkers.

Het originele stuk met alle foto’s en alle filmpjes is hier te vinden.

Jan Wolkers is een van de bekendste schrijvers en kunstenaars van het naoorlogse Nederland. In de jaren zestig en zeventig publiceert hij vele beeldende romans en verhalenbundels over seksualiteit, de dood en religie – boeken die voor met name christelijke volksstammen choquerend zijn. Wolkers’ verhalen worden door sommige criticasters weggezet als ‘op iedere pagina een vagina’. Ondanks de felle reacties gaan Wolkers’ boeken gretig over de toonbank en de verfilming van zijn bekendste roman, Turks fruit, breekt met 3,3 miljoen verkochte kaartjes alle bezoekersrecords.

Officiële literaire erkenning voor zijn werk krijgt Wolkers pas jaren later. Te laat, volgens de auteur zelf. Uit boosheid hierover over weigert Wolkers vele literaire prijzen. Zelf heeft Wolkers zich altijd in de eerste plaats als beeldhouwer en schilder beschouwd.

Amsterdamse amateurschilders doen mee aan een wedstrijd onder leiding van Jan Wolkers (staand in het midden). 

Hoe zijn de jonge jaren van Jan Wolkers?

Jan Wolkers wordt geboren op 26 oktober 1925, in een middenstandersgezin in Oegstgeest. Jan is de derde van in totaal elf kinderen. Jans vader heeft een – zoals Jan Wolkers later optekent – ‘schitterende zaak met comestibles en delicatessen’. In crisisjaren begint de kruidenierswinkel echter steeds slechter te lopen. Het gezin is zwaar gereformeerd en vader Wolkers leest iedere week meerderde malen voor uit de Statenbijbel. De passages maken diepe indruk op de jonge Jan. Toch is er ook een keerzijde. Op zondag mogen de kinderen van het gezin niet eens tegen een balletje trappen. Ook mag Jan Wolkers op de dag des Heren niet tekenen, schilderen of kleien – zijn geliefde bezigheden. Al op jonge leeftijd krijgt Wolkers een hekel aan de na-ijverige wraakzuchtige God over wie zijn vader spreekt. “Iemand die gevraagd wordt de zon stil te laten staan opdat de al in elkaar gehakte mensen nog verder afgeslacht kunnen worden – en dat nog doet ook! Wat een ongelooflijke rotzak,” zegt Wolkers later over God, in een interview in Trouw. In zijn tienerjaren zweert Jan Wolkers het geloof af, al zal hij er zijn leven lang naar blijven verwijzen.

Op de mulo presteert Jan Wolkers niet goed en daarom moet hij van school. Hij neemt schilderlessen en haalt zijn typediploma, waarmee hij een van de weinige schrijvers is die met tien vingers blind kan schrijven. Jan krijgt vele baantjes, maar de oorlog verandert veel. In 1943 duikt hij onder in Leiden. In 1944 overlijdt Jans oudste broer Gerrit op tweeëntwintigjarige leeftijd aan de gevolgen van difterie.

Jan Wolkers vertelt bij Pauw & Witteman over zijn gestorven broer Gerrit en draagt een gedicht over hem voor, het allereerste gedicht dat hij schreef. 

Na de oorlog studeert Jan Wolkers van 1949 tot 1953 beeldhouwkunst aan de Rijksacademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam. In 1947 trouwt hij met zijn eerste vrouw, Maria de Roo. Ze krijgen twee zoontjes en een dochtertje genaamd Eva, dat op tweejarige leeftijd overlijdt in bad. Dit ongeluk zal Wolkers later verschrijven in zijn roman Een roos van vlees (1963).

Een van de mooiste uren tv van 1995: het interview van Karel van de Graaf met Jan Wolkers op de Rottumerplaat, het onbewoonde eiland in de Waddenzee waar Wolkers eerder in 1971 een week alleen doorbracht. In dit fragment vertelt hij over zijn verongelukte dochtertje en zijn geloof in het noodlot. 

De dood van Eva speelt Jan en Maria uit elkaar, met een scheiding als gevolg. In 1958 trouwt Wolkers opnieuw, met Annemarie Nauta, die gedeeltelijk model staat voor Olga, het hoofdpersonage van Turks fruit (1969). Ook dit huwelijk houdt niet lang stand. Halverwege de jaren zestig krijgt Wolkers een verhouding met Karina Gnirrep, een zeventienjarig levenslustig overbuurmeisje. Wolkers biedt haar op straat een vuurtje aan en bewondert even later haar billen in zijn woonatelier. Niet lang daarna trekt ze bij hem in.

Jan Wolkers vertelt op Rottumerplaat over zijn “bijzondere kijk op vrouwen” en hoe hij Karina heeft leren kennen. 

Hoe verloopt Wolkers’ schrijverschap?

Onstuimig. Wolkers begint pas op latere leeftijd met het schrijven van literaire fictie. In 1957 werkt hij een jaar lang bij de beeldhouwer Zadkine in Parijs, op uitnodiging van de Franse regering. In Parijs schrijft hij zijn eerste verhaal, genaamd ‘De verschrikkelijke sneeuwman’. In de maanden en jaren hierna schrijft Wolkers verhalen voor verschillende literaire tijdschriften als Podium, Tirade, De Gids en Merlyn.

Is degene die schrijft meteen een schrijver? “Als hij goed schrijft wel, ja.”

In 1961 verschijnt zijn eerste verhalenbundel: Serpentina’s petticoat. De ontvangst is wisselend: lovend en bewonderend, maar ook vol afgrijzen. Wolkers’ verhalen zijn sterk autobiografisch en beschrijven de wereld onverbloemd. Wolkers’ thema’s zijn de dood, religie en seksualiteit. Dat laatste onderwerp, dat hij met grote openheid behandelt, wordt in de Nederlandse literatuur tot dan toe nauwelijks besproken, en zeker niet expliciet. Wolkers’ eerste uitgever verzoekt hem minder ‘vieze’ en meer ‘Latijnse’ woorden te gebruiken, maar de schrijver verwerpt deze wenk.

Ook wordt Wolkers verweten op godsdienst in te hakken. Hij bestrijdt dat. In een interview zegt hij: “Ik doe juist heel aardig tegen gelovigen. Het [is] de manier waarop ik over seksualiteit schreef die veel christenen aanstootgevend [vinden], terwijl ik ervan overtuigd ben dat Turks Fruit bijvoorbeeld alleen maar geschreven kon worden door iemand die met de Bijbel is grootgebracht.”

Wolkers is zeer productief en er verschijnen kort achter elkaar veel boeken: Kort Amerikaans (1962), Een roos van vlees (1963), Terug naar Oegstgeest (1965) en Turks Fruit (1969). Dat laatste boek wordt in 1973 verfilmd door Paul Verhoeven, met Rutger Hauer en Monique van de Ven in de hoofdrollen. Wolkers is te spreken over de verfilming en noemt die voor 75 procent geslaagd. Turks fruit verdeelt Nederland: het christelijke smaldeel verwerpt boek en film als pornografisch, de rest verlustigt zich eraan.

De première van de verfilming van Turks Fruit in Tuschinsky, Amsterdam. Van links naar rechts: Karina Wolkers, Monique van de Ven, Jan Wolkers, Ineke ten Cate en Rutger Hauer. 

Zijn roman De kus (1977) heeft een eerste oplage van 90.000 exemplaren, een ongekend hoog aantal. In 1979 maakt Wolkers de overstap naar uitgeverij De Bezige Bij, die als eerste roman De doodshoofdvlinder uitbrengt. In 1984 verschijnt De onverbiddelijke tijd over vriendschap en de dood, zijn laatste grote roman. Na jaren komt er ook een grote bundeling van poëzie van Jan Wolkers onder de titel Wintervitrines (2003)Het boek wordt goed ontvangen, maar haalt geen hoge verkoop.

In 2005 publiceert Wolkers Zomerhitte, het Boekenweekgeschenk van dat jaar, een boek dat eveneens welwillend wordt besproken, maar niet wordt gerekend tot zijn beste werk.

Jan Wolkers (r) met Harry Mulisch op het Boekenbal van 2005, het jaar dat Wolkers het Boekenweekgeschenk Zomerhitte schreef. 

Hoe is Jan Wolkers als kunstenaar?

Wolkers studeert beeldende kunst in Den Haag, Amsterdam en Salzburg, waar hij les krijgt van de Italiaanse beeldhouwer Giacomo Manzù. Wolkers schildert veel abstracte werken, die zijn beïnvloed door de natuur. Zo maakt hij bijvoorbeeld kunstwerken met poep. “Heb je de structuur van die stront, waarin je nog stukjes onverteerd gras ziet zitten, weleens goed bekeken? Hoe kan dat nou smerig zijn?” zegt hij hierover in een interview.

Ook ontwerpt hij veel politieke en maatschappelijke posters, onder andere voor het Komitee Bevrijding Vietnam, de communistische partij, de P.S.P. en de anti-apartheidsbeweging.

Jan Wolkers is wereldwijd een van de eerste kunstenaars die beelden geheel uit glas vervaardigt. Door het gebruik van dit tere materiaal blijkt Wolkers’ werk uitermate kwetsbaar. Zijn kunstwerken worden regelmatig beschadigd, zo is zijn Auschwitz-monument (1977) in Amsterdam meerdere malen doelwit van vandalisme. Ook op Texel en Wolkers’ geboorteplaats Oegstgeest worden kunstwerken vernield.

Een glassculptuur van Jan Wolkers wordt voor de tweede keer binnen een jaar toegetakeld. “Zo weerzinwekkend agressief is hier met een voorhamer op geslagen; het was echt agressie en wraak. Een psychiater zou aan de beschadigingen kunnen zien wat de man mankeert die dit gedaan heeft.” 

Wat vindt Jan Wolkers van schrijven en schilderen?

Tegen Jan Brokken zegt Wolkers: “Ik kan niet met de pen schrijven, dat komt door mijn tweeledige aanleg – beeldende kunst en schrijven. Zodra ik een pen in mijn hand heb, ga ik tekenen.” In een ander interview legt hij uit dat schrijven voor hem niets met erkenning te maken heeft: “Ik móet het gewoon doen. Alles wat ik heb gepubliceerd is uit noodzaak geschreven.”

In de hiërarchie staat het maken van beelden boven het schrijven, voor Wolkers: “Het is veel prettiger om een beeld te maken, fysiek, het lustgevoel. Als je een beeld maakt, dan vermeerder je jezelf.”

Schrijven is een ander proces. Het gaat heel snel, vooral in het begin. Schrijven is in de eerste plaats lezen. Teksten staan er meteen en daarna begint het schaven. Wolkers heeft een voorliefde voor korte zinnen, zonder al te veel aanhalingstekens en tussenzinnen. Wolkers ziet geen lezer voor zich als hij schrijft: “Ik schrijf voor mezelf, ik denk geen moment aan een publiek. Zelfbevrediging is het belangrijkste.”

Het dagelijkse scheppen wordt onderverdeeld in schrijven en de kunst. ’s Ochtends schrijft Wolkers tot na de lunch, daarna houdt hij zich bezig met lassen, zagen en schilderen, waarop er ’s avonds weer wordt geschreven.

Een medewerker van museum De Lakenhal in Leiden legt de laatste hand aan de inrichting van een grote tentoonstelling van Jan Wolkers’ werk in 2008, exact een jaar na zijn dood. Het grote schilderij is gebaseerd op een sneeuwstorm.

Wat zijn de controverses rondom Jan Wolkers?

Jan Wolkers is decennialang onderwerp van affaires en controverses. Hij stelt zich politiek op en oogst daarmee kritiek. Ook is er veel gedoe rondom de literaire prijzen die hem ten deel vallen. In 1982 weigert hij de Constantijn Huygensprijs (gedoteerd met 25.000 gulden). Wolkers is geschoffeerd dat ‘ze’ hem nu pas de prijs toekennen, terwijl hij al zo lang meedraait en veelvuldig vertaald en verfilmd is. In datzelfde jaar weigert hij ook de Publieksprijs. In 1989 komt daar nog eens de prestigieuze P.C. Hooftprijs bij.

Vanuit Texel reageert Wolkers regelmatig snedig op literaire kritiek en collega’s. Dat gaat er niet lichtzinnig aan toe. Maarten ’t Hart noemt hij Mina Trut en ook critici krijgen het van onder uit de zak. Jaap Goedegebuure is een wekeling “met de herseninhoud van een ziekelijke chimpansee” en een Telegraaf-recensent noemt hij een “afgesleten pleeborstel bij wie de rigor mortis al ingetreden is”. 

Hoe zijn de latere jaren van Jan Wolkers?

In 1980 verhuizen Karina en Jan naar Texel, waar ze in 1981 trouwen. Dat jaar wordt ook hun tweeling Bob en Tom geboren. Metterjaren wordt Wolkers een van de bekendste inwoners die Texel ooit heeft gehad.

De VPRO zendt in 2002 en 2003 de serie De achtertuin van Jan Wolkers uit, een immens populair programma over de dieren en planten in Wolkers’ tuin op Texel.

Jan Wolkers op ontdekkingstocht in zijn eigen tuin. Als hij vertelt over de natuur wordt wat gewoon is bijzonder, wat klein is groot en wat lelijk is mooi. Bekijk de hele uitzending (en andere afleveringen van De achtertuin van Jan Wolkersop NPO.nl.

Jan Wolkers wordt langzamerhand een éminence grise, een icoon dat kritiekloos meningen mag spuien over de wereld, literatuur en het leven. De controverses die hem groot hebben gemaakt blijven achterwege. Tot tweemaal toe is Jan Wolkers lijstduwer van de Partij voor de Dieren.

In veel radio- en tv-programma’s (Koefnoen, Kopspijkers, Draadstaal, Radio Bergeijk) wordt Wolkers gepersifleerd, wat zijn populariteit bevestigt:

Sketch uit het satirische programma Koefnoen met Paul Groot als Jan Wolkers. 

Over de dood is Jan Wolkers duidelijk. In een interview zegt hij: “Kijk, de dood is mijn werk heel belangrijk, maar er wordt nooit over gezeikt. Het hoort tot de aard der dingen dat alles weer verdwijnt, dat we in nevel oplossen.”

Tegen collega Hella Haasse zegt hij: “We zijn de dood gaan zien als een vloek, maar de dood is zo’n onderdeel van ons hele leven. Het is geen kwestie van overwinnen, het is gewoon veranderen, vergaan.”

Op 15 oktober 2007 ontdekken artsen dat Jan Wolkers lijdt aan een niet meer te behandelen levercirrose. Een paar dagen later, een week voor hij 82 zou worden, overlijdt hij in zijn slaap. Zijn crematieplechtigheid wordt live op de Nederlandse televisie uitgezonden, een eer die niet veel schrijvers ten deel valt. Wolkers’ as ligt begraven onder de tulpenboom in zijn tuin.

Verslag van de herdenking van Jan Wolkers, met een geluidsopname van een gedicht dat voorgedragen wordt door de schrijver zelf. Eerder die dag zond de NOS de plechtigheid gedurende bijna anderhalf uur live uit. 

Vanaf 2013 wordt uit handen van Karina Wolkers jaarlijks de Jan Wolkers Prijs uitgereikt voor beste oorspronkelijk Nederlandstalig natuurboek.

In het kort:

  • In de jaren zestig en zeventig schrijft Wolkers beeldende romans en verhalenbundels over seksualiteit, de dood en religie – boeken die voor met name christelijke volksstammen choquerend zijn.
  • Zijn boek Turks Fruit wordt verfilmd door Paul Verhoeven, met Rutger Hauer en Monique van de Ven in de hoofdrollen. De film verdeelt Nederland: het christelijke smaldeel verwerpt boek en film als pornografisch, de rest verlustigt zich eraan.
  • Zelf heeft Wolkers zich altijd in de eerste plaats als beeldhouwer en schilder beschouwd. Een bekend kunstwerk van hem is het Auschwitz-monument (1977) in Amsterdam, dat helaas meerdere malen wordt vernield.
  • In 1980 verhuizen Jan en Karina Wolkers naar Texel, waar ze in 1981 trouwen. De VPRO zendt in 2002 en 2003 de serie De achtertuin van Jan Wolkers uit, een immens populair programma over de dieren en planten in Wolkers’ tuin op Texel.
  • In 2007 overlijdt Jan Wolkers aan levercirrose. Zijn crematieplechtigheid wordt live op de Nederlandse televisie uitgezonden.