Historische romans

AD Magazine, Zaterdag 8 & zondag 9 augustus 2020.

Schrijver en veellezer Ronald Giphart leidt ons door zijn boekenkast. Deze week bespreekt hij zijn favoriete romans die zich afspelen in vroeger tijden.

Het wit en het purper – Willemijn van Dijk

Status was in het Romeinse Rijk (van ca. 700 v. Chr. tot 476 n. Chr.) heel belangrijk. Waar iemand zich bevond in de rangorde kon worden afgelezen aan de kleur van de kleding. Romeinse burgers gingen in het wit gekleed, maar hoe belangrijker iemand werd, hoe meer purper zijn toga mocht bevatten. Purper, gemaakt van vermalen zeeslakjes, was ongelooflijk duur.

De titel Het wit en het purper, de vorig jaar verschenen debuutroman van historica Willemijn van Dijk, slaat op de kleuren van de toga van Pallas. Deze historische figuur (hij stierf in het jaar 62) werd als weesjongetje opgevoed door een Grieks gezin, tot hij tijdens een hongersnood als slaaf werd verkocht en verscheept naar Rome. Daar kwam hij terecht in de
huishouding van Antonia, een nicht van keizer Augustus en oma van keizer
Caligula.

Pallas, die werd gekoppeld aan Claudius, Antonia’ s jongste zoon, wist zich op te werken en werd uiteindelijk door Antonia vrijgemaakt, waardoor hij een witte toga mocht dragen, kon trouwen en bezit vergaren. Toen Claudius keizer werd, benoemde hij Pallas tot bewaker van de schatkist, een functie die hem veel macht gaf, wat weer was te zien in het purper van zijn kleding.

Het wit en het purper, dat werd bekroond met de BNG Bank Literatuurprijs, is een meeslepende roman over macht, familie en liefde.

Geef me de ruimte! – Thea Beckman

Ik had kunnen kiezen voor Kruistocht in spijkerbroek, de historische jeugdroman waarmee Thea Beekman in 1972 doorbrak, over een 16-jarige jongen die via een tijdmachine terechtkomt in de 13de eeuw. Maar hoe geweldig ik Kruistocht ook vond, als scholier was ik een nog grotere fan van Geef me de ruimte!, uit 1976. Het is het eerste deel van een trilogie over de Honderdjarige Oorlog, die woedde tijdens de 14de en 15de eeuw in Frankrijk.

Geef me de ruimte! is het verhaal van Marie-Claire en Berton de Fleur, twee pubers die elkaar vinden bij de smeulende resten van een veldslag. Zij is Brugge ontvlucht om niet te worden uitgehuwelijkt en hij is een van de overlevenden van een verslagen Frans ridderleger. De twee geliefden besluiten gezamenlijk op te trekken en ontmoeten een minstreel met wie ze door Frankrijk trekken, vergezeld door een weesjongetje.

Als ze de beroemde partizanenleider Bertrand du Guesclin tegenkomen neemt hun leven een andere wending. Het fijne aan Geef me de ruimte! is dat het boek wordt gevolgd door twee minstens even spannende delen: Triomf van de verschroeide aarde en Het rad van fortuin. Romans die makkelijk los van elkaar zijn te lezen, maar elkaar ook aanvullen. De boeken waren oorspronkelijk bedoeld voor jongeren, maar zijn uitstekend door volwassenen te lezen. Te verslinden.

De scharlaken stad – Hella Haasse

Als ik programmeur van Netflix of Amazon Prime zou zijn met een onbeperkt budget, zou ik een tv-serie laten maken naar de roman De scharlaken stad van Helle Haasse (1918-2011). Het boek speelt zich af in het 16de-eeuwse Italië, voornamelijk in Rome, en behandelt een keur aan tot de verbeelding sprekende personages als schilder Michelangelo en politicus Machiavelli.

Haasse publiceerde haar roman in 1952, en zoals veel films uit die tijd soms worden geplaagd door een wat trage montage en slepende verhaallijnen, zo is ook De scharlaken stad, gewogen naar hedendaagse maatstaven, typisch voor dat tijdvlak.

Toch wen je snel aan Haasses stijl en vertelkunst, zodat je je kunt overgeven aan het verhaal: de zoektocht van de jonge ongrijpbare Giovanni Borgia, die wil weten wat zijn afkomst is. Haasse heeft geprobeerd een gangbaar ‘en toen en toen en vervolgens en ten slotte’ verhaal te vermijden, zoals ze zelf ooit vertelde. Haar oogmerk was een geschiedenis te schrijven die ‘eigenlijk
niet is na te vertellen’.

Nu valt dat wel mee, want Haasse heeft wel degelijk de gave haar lezers het verhaal binnen te sleuren en mee te nemen. De scharlaken stad gaat over machtsspelletjes, roddels, kunst, corrupte geestelijken, seks en verraad, en staat vol ingewikkelde intriges.

De ommegang – Jan van Aken

In het begin van de 15de eeuw zit een man genaamd Isodorus van Rillington opgesloten in een donkere kerker in de Zuid-Duitse stad Konstanz. Hij begint zijn levensverhaal te vertellen, een opsomming van overweldigende, grappige, bijzondere, ongeloofwaardige, ontroerende en
enerverende gebeurtenissen en anekdotes.

Europa hijgt rond 1420 na van een pestepidemie die de bevolking heeft gedecimeerd. In zijn cel herinnert Isodorus zich hoe hij opgroeide in een
schapenstal en ondanks zijn gebrek aan boeken veel kennis vergaarde, mede dankzij een poortwachter die zich over hem ontfermde, Giles. Isodorus bekwaamt zich in de architectuur en gaat aan de slag in een door de pestepidemie verlaten bibliotheek, waar hij zijn hoofd volstopt met wat hij leest. Hij ontwikkelt een techniek om teksten in zijn geheugen op te slaan en nooit meer te vergeten.

Na de dood van Giles trekt hij langs universiteiten en steden, hij ontsnapt aan de dood, is getuige van wilde seksfeesten en komt regelmatig in gevaarlijke situaties terecht. Hij wordt arts, later architect in Azië (waar hij voor de wrede vorst Timoer de Grote een moskee mag bouwen) en zo gaat het maar door. Isodorus’ fenomenale geheugen blijft hij vullen en dagelijks maakt hij een ommegang over de straten van zijn fenomenale geest. Vandaar de titel van het boek.

Musch – Jean-Marc van Tol

Op de middelbare school zat ik in de klas bij Jean-Marc van Tol, toen hij nog de ambitie had schrijver te worden en ik striptekenaar. Tien jaar later debuteerde ik met een roman en Jean-Marc werd de tekenaar van de cartoon Fokke & Sukke.

In 2018 loste hij eindelijk zijn jeugdbelofte in, met de publicatie van de historische roman Musch, het eerste deel van een trilogie. Centraal staat de illustere raadspensionaris Johan de Witt, de grootste politicus van Nederland ooit.

Op 20 augustus van het Rampjaar 1672 werd De Witt door het woedende
Haagse gepeupel gelyncht, samen met De lafhartige familie Van Oranje speelde een zeer kwalijke rol zijn broer Cornelis. Hun lichamen werden beestachtig uiteengereten. Bij deze schandalige moorden speelde de lafhartige prinsenfamilie Van Oranje een zeer kwalijke rol, mede door de verspreiding van nepnieuws.

Van Tol laat de opmaat van de gruwelijkheden beginnen in 1650, als Nederland nog welvarend is. Onderhuids zijn de spanningen rond stadhouder Willem II echter al voelbaar. Spil van allerlei intriges is een ambtenaar genaamd Cornelis Musch, die op machiavelliaanse wijze de machtigste man van de Republiek is geworden. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord, maar niet voordat hij in het boek van Van Tol wraak neemt
op al zijn tegenstrevers.

Deel 2, Buat, verschijnt volgend jaar en deel 3, Willem, in 2022.