Wereldsteden

AD Magazine, Zaterdag 27 & zondag 28 juni 2020.

Veellezer Ronald Giphart leidt ons door zijn goedgevulde boekenkast. Deze week tipt hij vijf boeken met een stad in de hoofdrol.

De geniale stad – Koen de Vos

In de 15de eeuw telde de Italiaanse stad Florence krap 60.000 inwoners, vergelijkbaar met hedendaagse steden als Roermond of Nieuwegein. Florence, de hoofdstad van de regio Toscane, lag qua handel veel minder gunstig dan vergelijkbare Italiaanse steden en ook had de stad geen groot leger of grote vloot. Toch groeide Florence uit tot een weergaloze broedplaats voor creatief talent en de bakermat van de Italiaanse renaissance, die later weer de bakermat zou worden van de Europese cultuur.

De lijst briljante kunstenaars, schilders, filosofen, wetenschappers en
schrijvers die in Florence woonden kan niet worden overdreven: Leonardo da Vinci, Michelangelo, Rafaël, Boccaccio, Petrarca, Dante, Machiavelli, Lorenzo de’ Medici en nog vele anderen.

Over de vraag hoe het kan dat één stadje zoveel talent kon voortbrengen
gaat De geniale stad, geschreven door de Vlaamse historicus en filosoof Koen de Vos. In dit boek introduceert hij negen voorwaarden die een voedingsbodem zijn voor genialiteit, onder andere vrijheid, geld en sociale status.

Voor wie zelf eens door Florence wil struinen langs de overweldigende hoeveelheid kunstwerken en architecturale hoogstandjes biedt de site van Koen de Vos een handige stadswandeling, ook te downloaden voor smartphones, met prachtige verhalen over het leven in een bruisende Italiaanse stad in de 15de eeuw.

Berlijn – Rory MacLean

De Canadese reisschrijver Rory MacLean maakte als jongeman een tienertour door Europa, waarbij hij vooral was gefascineerd door de Duitse hoofdstad Berlijn, toen nog verdeeld in twee delen. Hij raakte verslaafd aan de verhalen van de stad en die obsessie werd zo groot dat hij zich er uiteindelijk vestigde. Niet alleen woont MacLean in Berlijn, zoals hij schrijft, Berlijn woont ook in hem.

Berlijn is een stad van uitersten, waar het hoogste en het laagste dat de mensheid heeft voortgebracht samenkomen, een stad waar hooggestemde kunst werd vervaardigd en waar wereldoorlogen werden voorbereid, een stad van prinsen en potentaten, een stad waar leiding werd gegeven aan een van de bruutste regimes die de wereld kende, een stad die werd verwoest, verscheurd en weer opgebouwd, een stad van legendes en verhalen.

Voor Berlijn, een bewogen geschiedenis, gaf MacLean 24 historische figuren allen een eigen hoofdstuk, van Frederik de Grote, Marlene Dietrich, Joseph Goebbels en John F. Kennedy tot David Bowie.

Het verhaal van die laatste speelt zich eind jaren 70 af, als Iggy Pop en David Bowie zich in Berlijn vestigen, omdat het de perfecte plaats was om te feesten en te werken. Bowie nam er Heroes op, dat het officieuze volkslied van Berlijn zou worden.

Oesters van New York, een stadsgeschiedenis – Mark Kurlansky

Wie zijn geliefde echt wil verwennen trakteert hem of haar op een decadente delicatesse: oesters. Dat deze zilte lekkernij uit de zee in de geschiedenis lang niet altijd werd geassocieerd met pronkerige weelde is te lezen in een erg fraai boek over het voormalige Nieuw Amsterdam, het huidige New York (‘the big apple’).

Het heet The Big Oyster, in het Nederlands verschenen als Oesters van New York, een stadsgeschiedenis, en is geschreven door Mark Kurlansky. Deze Amerikaanse schrijver staat bekend om boeken waarin hij een bepaald ingrediënt of product koppelt aan episoden in de geschiedenis; zo schreef hij biografieën over kabeljauw (die de wereld veranderde), zout (waarom oorlogen werden gevoerd), zalm (wiens lot verbonden is aan het lot van de aarde) en melk (waarmee de mens al 10.000 jaar een haatliefdeverhouding heeft).

En dus over oesters, want de opmars van de stad is mede te danken aan de oogst van opmerkelijk lekkere en uitermate voedzame oesters in de wateren rondom Manhattan. Eeuwenlang leefden arme gezinnen op een dieet van deze beestjes, want ze waren ook nog goedkoop. De duizenden kilo’s schelpen die overbleven werden gebruikt als ondergrond voor wegen en gebouwen, en zo kunnen we stellen: New York is letterlijk gebouwd op oesters.

Een kleine geschiedenis van Amsterdam – Geert Mak

Klein is Een kleine geschiedenis van Amsterdam niet. De in 1995 verschenen instant-klassieker van Geert Mak (1946) is ruim 400 bladzijden dik. Een paar jaar eerder had Mak al De engel van Amsterdam gepubliceerd, zijn debuut, een journalistiek boek waarin Amsterdam als hoofdpersoon werd geportretteerd vanuit het perspectief van vele bewoners: een dakloze man, een sigarenhandelaar, een drugsverslaafde, een volkse huisvrouw, stappers, jongeren, kortom alledaagse mensen in een vibrerende moderne stad.

In Een kleine geschiedenis koos hij wederom Amsterdam als hoofdpersoon, alleen ging hij nu op zoek naar de ontstaansgeschiedenis. ‘Onder de wortels van de bomen begint het verleden, en dat geldt zeker voor de stad die ooit aan het IJ opkwam, ten onder ging en toch weer herrees’, luidt de eerste zin, waarna Mak vervolgt: ‘De meeste mensen die deze geschiedenis hebben meegemaakt zijn verdwenen in de tijd. Hun verhalen (…) liggen er nog
steeds, bij duizenden.’

Het is aan hem om deze verhalen op te tekenen. De hedendaagse stad die wij kennen leidt, in de woorden van Mak, een dubbelleven: op straat dreunt het bestaan van alledag, maar onder de grond krioelen de jaren van weleer. Levendig en met een goed gevoel voor fraaie details beschrijft Mak liefdevol de wederwaardigheden van de stad die ‘op een trotse manier niet-trots is’.

Metronome – Lorànt Deutsch

Op 19 juli 1900 werd in Parijs de eerste metrolijn geopend en er zouden er nog vijftien volgen. De stad heeft ruim 300 stations, waarvan een deel is afgesloten of zelfs nooit geopend. Elk van hen heeft een eigen verhaal en geschiedenis.

De Franse schrijver Lorànt Deutsch heeft 21 van deze stations genomen als
vertrekpunt voor het vertellen van verhalen. Zijn opzet is eenvoudig: hij reist met de metro naar een bepaald station, om zich vervolgens te laten leiden door wat hij ziet, wat hij weet en wat hij heeft onderzocht over de fascinerende geschiedenis.

Weinig steden hebben zo’n immens rijk verleden als Parijs, het gehucht dat
begon als Gallische nederzetting en uitgroeide tot stad van koningen, keizers, revoluties en heerschappij en. De wereldhoofdstad van de romantiek, verzamelplaats van schrijvers, kunstenaars, courtisanes en de rijken op aarde, stad waarin het verleden in iedere straat, in ieder pand voelbaar is.

Zijn immens populaire Metronome is een badkuip vol smakelijke anekdotes
en humoristische wetenswaardigheden over alle uithoeken van de ruim 2000 jaar durende geschiedenis. Het leent zich uitstekend als wandelgids en je kunt ook metrostations nareizen om je te laten overdonderen door Deutsch’ prachtige stortvloed aan faits amusants (leuke weetjes).