Winterbloei

By hans, 13 december 2019

Jan Wolkers – over zijn liefde voor de natuur

Welkom bij Nederland Leest

Voorwoord door Ronald Giphart – Ambassadeur Nederland Leest

Gefeliciteerd, u krijgt dit boek cadeau! Nederland Leest is een jaarlijkse actie waarin één bijzonder boek wordt geschonken aan zo veel mogelijk lezers. Dit presentje wordt u aangeboden omdat u lid of aspirant-lid bent van een organisatie die er al sinds 1899 voor zorgt dat iedereen in ons land onbeperkt beschikking heeft over boeken en informatie: de openbare bibliotheek. Er worden duizenden exemplaren van het werk dat u nu in handen heeft weggegeven – en daar zit een nobele gedachte achter.

Uit wetenschappelijke publicaties blijkt dat het lezen van boeken positieve effecten heeft op de lezer en diens omgeving. Door te lezen zouden – aldus Canadese, Engelse en Amerikaanse onderzoekers – mensen zich beter kunnen inleven in zichzelf en in anderen. Academisch gezegd: door boeken te lezen nemen empathische vaardigheden toe, ondanks het feit dat lezen wordt gezien als een solitaire bezigheid (‘in een hoekje met een boekje’).

Want zo solitair is lezen namelijk niet. Mensen hebben in de regel de neiging met anderen te praten over wat ze hebben gelezen. Bijvoorbeeld in leesclubs. Overal op aarde bespreken mensen hun leesstof met elkaar, al dan niet in georganiseerde groepen van kennissen en belangstellenden. Deze ontmoetingen scheppen een band tussen de deelnemers en zorgen voor nieuwe inzichten, zowel over de boeken zelf als over de wereld en de eigen rol daarin.

In 1998 kwam een Amerikaanse bibliothecaresse genaamd Nancy Pearl van de Seattle Public Library daarom op het briljante idee: wat als iedereen in Seattle nu eens hetzelfde boek zou lezen? Wat als we van de stad één grote leesclub maken? Dat was een ambitieus streven, maar visionaire dromen moeten worden nageleefd. Pearls idee was het begin van een ongelooflijk succesvol project genaamd One City One Book: gedurende een maand gaven bibliotheken in Seattle duizenden exemplaren van één titel weg aan mensen van alle gezindten en alle economische klassen. Hierna werden overal in de stad ontmoetingsavonden georganiseerd om over dit boek te discussiëren. Wat gebeurde er? Dankzij de gezamenlijke leeservaring nam de samenhang in de stad – in wetenschappiaans ‘de sociale cohesie’ – opvallend toe.

De actie was zo succesvol dat vele steden het voorbeeld overnamen, zowel in Amerika als in het buitenland. Ook in Nederland was men erg geïnteresseerd, hoewel wij in de rangorde al tot de beste leeslanden ter wereld behoren. Bij ons werd het evenement in 2006 geadopteerd door de CPNB, de club die vanaf 1930 probeert het lezen van boeken te promoten. De opzet was net zo eenvoudig als destijds in Seattle: iedere maand november wordt er één titel in een enorme oplage verspreid, waarna dit boek in zalen, bibliotheken, cafés, scholen en schouwburgen door lezers wordt besproken.

Inmiddels zijn we toe aan de veertiende editie van Nederland Leest. Het idee achter de keuze van het geschenk is altijd geweest om een boek te kiezen dat discussie ontlokt. Daarom werd er bijvoorbeeld gekozen voor schrijvers als Frank Martinus Arion, Theo Thijssen, Harry Mulisch, Hella Haasse en Remco Campert. De afgelopen jaren is hierop gepreludeerd door de keuze van een overkoepelende prikkelende invalshoek als ‘democratie’, ‘robotica’ en ‘voeding’: thema’s met veel maatschappelijke en persoonlijke kanten (we leven allemaal in een democratie, we krijgen allemaal te maken met robotisering en we voeden ons allen dagelijks).

Ook dit jaar is er gekozen voor een uitermate relevant maatschappelijk thema, dat inmiddels de wereld in de greep heeft en de komende decennia nog voor veel gesprekstof zal zorgen. Sterker nog: de toekomst van de planeet en het bestaan op aarde hangt van dit onderwerp af. Het thema van Nederland Leest is dit jaar: duurzaamheid.

We leven in een tijd dat universiteiten ons waarschuwen voor immense problemen die in het verschiet liggen, kwesties die recentelijk nog ondenkbaar waren. We hebben het over de opwarming van de planeet, de verslaving aan fossiele brandstoffen, de klimaatverandering (onderschreven door 99,9% van alle deskundigen op het terrein), de stijging van de zeespiegel, de onvoorstelbare hoeveelheid niet afbreekbaar plastic in onze zeeën en oceanen, het uitsterven van vele diersoorten, de vervuiling van onze landerijen en wateren, de ontbossing, de slechte luchtkwaliteit in verstedelijkte gebieden, enzovoort.

Kunnen we door veel meer aandacht te besteden aan duurzaamheid, duurzamer leven en duurzamer productiemiddelen de aarde nog redden en het uitsterven van diersoorten – de onze, om er maar een te noemen – nog voorkomen? Het streven naar meer duurzaamheid is volgens velen een onontkoombare noodzaak, maar hoe moeten we ons persoonlijk leven zo inrichten dat we dit daadwerkelijk kunnen verwezenlijken? Gaat ons eigenbelang – onze hang naar borrelhapjes, vliegreisjes naar Samos en winterse terrasverwarming – er uiteindelijk voor zorgen dat we een point of no return bereiken en de wereld niet meer te redden is? Geldt er werkelijk: na ons de zondvloed?

Misschien is het nuttig te kijken waar we vandaan komen. Onze nomadische voorouders, een mensaapsoort die ongeveer 150.000 jaar geleden evolueerde, trokken meerdere keren per jaar in stammen van ongeveer 150 individuen van de ene voedsel plek naar de andere. Mensen moeten volgens evolutionair psychologen weet hebben gehad van de groeicyclus van dieren, welke dieren ze met rust moesten laten – jonge exemplaren en vrouwtjes – en welke beesten ze het beste konden vangen. Af en toe werden er stukjes bos platgebrand. Bomen werden niet op grote schaal gekapt, wel werden er wilde gewassen geoogst. Er leefden zo weinig mensen in een zo groot gebied dat menselijk gedrag weinig tot geen blijvende invloed had op flora en fauna van het leefgebied. Kortom, de homo sapiens speelde geen rol van betekenis bij het reilen en zeilen van de planeet en bekommerde zich niet om wat hij/zij her en der achterliet. Waarom zou hij/zij ook?

En toen kwam 12.000 jaar geleden de landbouwrevolutie. Onze voorouders, die al die tijd hadden rondgezworven, gingen zich vestigen in nederzettingen om dieren in gevangenschap te houden en gewassen te cultiveren. Dit veranderde onvoorstelbaar veel. Er kwamen nieuwe omgangsvormen. Er kwam bezit. Nederzettingen werden dorpen, die uitgroeiden tot steden. Er kwamen beroepen. Er kwam schrift. De totale menselijke bevolking nam gestaag toe en waar beperkte groepen nomaden niet of nauwelijks invloed hadden op het milieu, lukte het de boerende mens wel degelijk zijn/haar leefwereld aan te passen, te kanaliseren en te vervuilen.

Sommige landerijen raakten dusdanig uitgeput dat er zelfs her en der honger ontstond. De politiek econoom William Forster Lloyd beschreef – al in 1833- het probleem van ‘de tragedie van de meent’ (the tragedy of the commons). Zijn stelling werd in 1968 overgenomen door de Amerikaanse ecoloog Garrett Hardin, die een spraakmakend artikel publiceerde, een oproep die veel milieudeskundigen en ecologen de ogen deed openen. Het idee is even helder als tragisch.

Een meent was in vroeger tijden een gedeeld veld in de buurt van woonhuizen, een land waar bewoners hun beesten lieten grazen. Hoe belangrijk deze meenten vroeger voor onze voorouders waren kunnen we concluderen uit de herkomst van de woorden ‘gemeente’ en ‘gemeenschappelijk’. Vele steden en dorpen hebben nog steeds een meent, al wordt die niet meer als graasveld gebruikt.

Zo’n gemeenschappelijk veld had destijds een afgebakende grootte en de grasopbrengst was eindig. Dat betekende dat er regels moesten worden opgesteld over wie er wat en wanneer op de meent mocht laten grazen. Als een boer een extra geit toevoegde aan zijn veestapel was dat gunstig voor hem, want het nieuwe beest leverde meer melk, vlees en wol op. Zijn actie was echter ongunstig voor de andere boeren, want er bleef immers minder gras over voor de rest van de hongerige viervoeters. De andere boeren probeerden vervolgens hun veestapel ook uit te breiden. Met alle problemen van dien, want met deze uitbreiding raakte menig meent overbegraasd. Dit was voor alle boeren ongunstig. Individueel voordeel voor één boer resulteerde in een tragische ondergang van allemaal.

Wat we inmiddels kunnen constateren: de aarde is een meent. Onze planeet is een meent met een afgebakende grootte en een eindige opbrengst. De tragedie is dat we onze wereld, mede dankzij de globalisering, heden ten dage bijna hebben leeggevist, uitgeput en vervuild met plastic en chemicaliën. Er zit niets anders op: we zullen iets moeten doen, er moeten strengere afspraken komen, er moet beter worden nagedacht over de toekomst, we moeten zorgen voor een duurzamer verstandhouding met onze aardse meent.

We zijn – laten we in de spiegel kijken – egoïstische grootverbruikers van energie, grondstoffen en water. We hebben niet alleen een oeverloze consumptie, we zijn ook de meest spilzieke diersoort. Na de landbouwrevolutie begon rond 1750 de industriële revolutie, waarin we overstapten op de massale machinale productie van goederen. Sindsdien is de concentratie van het broeikasgas CO2 onwaarschijnlijk toegenomen, met alle gevolgen van dien. De gemiddelde temperatuur van de aarde en oceanen is gestegen, net als de mondiale zeespiegel. De hiermee gepaard gaande klimaatverandering is zichtbaar in de toename van extreme weersomstandigheden. Er zijn gemiddeld meer extreem warme dagen en minder extreem koude dagen. Het aantal hittegolven neemt wereldwijd toe, net als het aantal hevige regenbuien, windhozen en orkanen. Gletsjers en zee-ijsformaties smelten, de boomgrens verschuift en de lente begint steeds vroeger in het jaar.

Ondertussen is er – eindelijk – het wereldwijde besef dat het zo niet langer kan. Dit boek is mede bedoeld om de gesprekken en debatten uit te lokken, in de wetenschap dat ‘duurzaamheid’ bepaald geen sexy woord is en bij velen – ook bij politici, opiniemakers en columnisten – grote weerstand oproept. Je bent al snel een moralistische drammer als je het over duurzaamheid wilt hebben (of een deugmens, klimaatgekkie, doemdenker, angstaanjager, zwartkijker). Toch zijn de deskundigen het er in overdonderend groten getale over eens dat we op een cruciaal moment in de geschiedenis zijn beland. Als we nu geen poging wagen onze meent te verduurzamen verspelen we wellicht onze laatste kans.

Daarom krijg u dit boek cadeau, dat bestaat uit een bundeling van teksten, verhalen, brieven, dagboekfragmenten en gedichten van Jan Wolkers, een van de beste en meest aanstekelijke natuurschrijvers die Nederland ooit heeft gehad. Wolkers was een bewonderaar en een gretig chroniqueur van alles uit de natuur, van kleine beestjes, vlinders, vogels, de dieren des velds, zeehonden en wat hij nog meer om zich heen zag bewegen en groeien. Hijschreef – met als zijn thuisbasis Huize Pomona op Texel – vooral warm en liefdevol over de schoonheid van de natuur, alsof hij hoogstpersoonlijk was verbonden met alles wat leeft of had geleefd.

Wolkers leert ons in zijn verhalen en columns keer op keer de natuur en al wat leeft te begrijpen en waarderen – zoals ik overigens zelf ook eens heb mogen ervaren, toen ik na een lezing in de openbare bibliotheek van Texel werd uitgenodigd voor een afterparty bij de familie Wolkers thuis. Mijn hoogzwangere vrouwen ik kregen van Wolkers een hilarische rondleiding door zijn tuin, waarbij hij ons geestdriftig en met een grote dosis humor inwijdde in zijn wondere buitenwereld. Het landgoed werd bevolkt door gewone beestjes en plantjes, die door Wolkers’ liefde en aandacht echter bijzondere en ongemeen mooie, al dan niet krioelende schoonheden bleken te zijn.

Ook als kunstenaar liet Wolkers zich door dit buitenleven beïnvloeden. Zo maakte hij bijvoorbeeld prachtige kunstwerken die door de schoonheid van de groene weiden waren geïnspireerd: bloemen, kleuren, planten, maar bijvoorbeeld ook zoiets aards als poep. In een interview zei hij hier zelf enthousiast over: ‘Heb je de structuur van die stront, waarin je nog stukjes onverteerd gras ziet zitten, wel eens goed bekeken? Hoe kan dat nou smerig zijn?’

Inderdaad, de levende natuur is in geen enkele optiek smerig. Wat smerig is, is de manier waarop wij met planten en dieren omgaan. De teloorgang van ons leefmilieu en de afstandelijke houding ten opzichte van milieuvraagstukken die vooral heerst bij politici en bedrijven, gingen Jan Wolkers na aan het hart, zoals bijvoorbeeld valt te lezen in het in deze bundel opgenomen pleidooi ‘De schuimspaan van de tijd’.

Wolkers’ bewonderende en soms kritische teksten in dit boek zijn samengesteld en van een inleiding voorzien door Onno Blom, die in 2017 Het litteken van de dood publiceerde, de spraakmakende biografie van Jan Wolkers. De teksten worden afgewisseld met columns van Aaf Brandt Corstius, die haar geheel eigen, humoristische kijk geeft op Jan Wolkers en het thema duurzaamheid.

Kritische geesten zullen opperen dat het opmerkelijk is om een maatschappelijk debat over duurzaamheid te willen uitlokken met een grote oplage gebundeld bedrukt papier. Die criticasters hebben in zoverre gelijk dat deze bundel- hoewel er bij de productie milieubesparende materialen zijn gebruikt – inderdaad zou kunnen bijdragen aan vervuiling van onze leefwereld. En daarom spreek ik de hoop uit dat er met dit cadeau zuinig wordt omgesprongen, dat het gretig zal worden gelezen en al even gretig nabeschouwd en besproken. Zet het boek na lezing in uw boekenkast zodat het op een later tijdstip nog eens tot inspiratie kan dienen. Geef de bundel weg of leen hem uit aan iemand die zich ook (of juist niet) bezorgd maakt over de toekomst.

Wij mogen dan grote vervuilers zijn en ons stempel schaamteloos op de rest van onze planeet drukken, maar bovenal zijn we een sociale, empathische diersoort met een enorm stel creatieve hersens. We zijn niet voor niets de Denkende Mens. Het moet mogelijk zijn om met elkaar oplossingen te bedenken en een afschrikwekkend einde van het leven op aarde af te wenden. We hebben geen andere keuze. Lees. Ga in gesprek. Spread the word.

Eind.

Samengesteld en ingeleid door Onno Blom

Alstublieft! U krijgt dit boek cadeau van de bibliotheek ter gelegenheid van Nederland Leest. In november leest heel Nederland de mooiste natuurverhalen van schrijver en natuurmens Jan Wolkers. Met liefde en aandacht laat hij ons genieten van alles wat groeit en bloeit. Met een flinke dosis humor leert hij ons de aarde waarderen. Een kwetsbare aarde die steeds verder onder druk komt te staan, door overconsumptie, milieuvervuiling en klimaatverandering. Lees dit boekenpraat erover. Met elkaar, thuis, in een leesclub, in de bibliotheek.

Wolkers’ biograaf Onno Blom koos de mooiste verhalen, brieven, essays, dagboekfragmenten en gedichten van Jan Wolkers over de natuur. Ronald Giphart, ambassadeur van Nederland Leest, nodigt u uit om na het lezen met elkaar in gesprek te gaan over duurzaamheid. Columniste Aaf Brandt Corstius trakteert u tussendoor op haar humoristische kijk op duurzame dilemma’s en Jan Wolkers’ liefde voor de natuur.

Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB)

Dit boek is een cadeau van de openbare bibliotheek, ter gelegenheid van Nederland Leest 2019.

© 2019 Stichting CPNB en de auteurs.

De verhalen van Jan Wolkers in deze uitgaven verschenen eerder bij uitgeverij De Bezige Bij, met uitzondering van ‘Wespen’, dat oorspronkelijk werd uitgegeven door Meulenhof.

Foto Wolkers: Steye Raviez/Hollandse Hoogte

Omslagontwerp: KesselsKramer, Amsterdam

Zetwerk: Perfect Service, Schoonhoven

ISBN: 9789059655027

NUR: 320

Met dank aan: nbd biblion

Titel: Winterbloei

Jaar: november 2019

Druk: 1ste

Pagina’s: 144

Pagina’s Giphart: 9 t/m 15

Afmetingen: 21 x 14 x 0,75 cm

Gewicht: 207 gram

Type: Paperback

Inhoud:

  • Welkom bij Nederland Leest – Voorwoord door Ronald Giphart
  • De Tarzan van de schapen – Jan Wolkers, natuurmens – Inleiding door Onno Blom
  • Winterbloei – Jan Wolkers over zijn liefde voor de natuur
    • Wespen
    • De grazige weiden
    • Brief uit Amsterdam
    • Brief uit Texel
    • Groeten van Rottumerplaat, fragmenten
    • Brief van Amstelglorie
    • Het kruipend gedierte des aardbodems
    • Daphne, een sprookje
    • Onder de oppervlakte
    • Een tapijt van blijdschap
    • Een Venus met prikoogjes
    • Jurkjes voor zomermeisjes
    • Wandelend slijm
    • De gulzige aarde
    • Bloemen van vlees
    • Egels zijn lief maar stekelig
    • De glimlach van een poes
    • De mooie dood
    • De schuimspaan van de tijd
    • Ik heb de winter liefgehad
  • Columns – Aaf Brandt Corstius
    • Medeplichtig
    • Interview
    • Afweermechanisme
    • Slakken
  • Verantwoording
  • Meer lezen van Jan Wolkers
  • Over de auteurs